In de driekwart meter poëzie die ik vorige week op de kop tikte, zat een boekje van Phil Bosmans: “Ja! Alleen de optimisten zullen overleven!”. Het was het enige niet-poëzie boekje in de collectie. Ik was nieuwsgierig. Ik had wel van deze schrijver gehoord en wist dat zijn boekjes vroeger populair waren. Aanvankelijk vroeg ik me af waarom. Het boekje staat vol dwingende wijsvingers en uitroeptekens en voelt als een preek. Bosmans was dan ook pater. Zou dat verklaren waarom zijn boekjes zo populair waren? De kerken liepen weliswaar leeg, maar misschien bleef de behoefte aan preken en wijze woorden bestaan. De behoefte aan iemand die de weg wees.

Alvorens het boekje op de stapel ‘kringloop’ te leggen, bladerde ik het door. Wat me verraste, was hoe actueel dit boekje uit 1985 is. Op bepaalde punten is het nu misschien wel actueler dan toen Bosmans het schreef.

Ik neem je mee langs een aantal citaten.

Life on Mars?

Bosmans leeft niet meer. Ik vraag me af hoe hij nu naar de wereld zou kijken als hij vanaf een wolkje naar beneden keek.

illustratie planeet mars

Hier is leven belangrijk, niet op Mars!
Hier is leven belangrijk!
Hier op deze kleine planeet
in het kleine dorp, dat ‘aarde’ heet!
Waarom gaat men leven zoeken op Mars
320 miljoen kilometer ver
als miljoenen mensen op aarde
nog geen leven hebben.
(p.54)

Handen uit de mouwen

In deze tijd waarin burn-out, depressie en angststoornissen hand over hand toenemen, in deze digitale en alsmaar meer virtuele wereld, ontbreekt het ons aan zintuiglijke ervaringen. Aan lichamelijke verbondenheid met de wereld om ons heen. Met elkaar. Bosmans’ zegt daar het volgende over:

illustratie hand door Mandy van Goeije

Handenarbeid is het meest eenvoudige,
het meest natuurlijke en efficiënte middel
om mensen geestelijk te genezen!
(p.61)

Dit pleidooi gaat me aan het hart omdat ik heb ervaren dat de mens hieraan tekort komt. Toen ik nog Engelse les gaf, hamerde ik op leren door het schrijven met de hand. Veel kinderen leerden graag woordjes en grammatica op de computer, wat toen in opkomst was. Maar ik merkte dat wat ze zo leerden vaak minder goed beklijfde. Zintuiglijk werken – met handen en voeten – inktvlekken op de vingers kweken is en blijft de beste manier om een taal te leren – om wat dan ook te leren.

Leren en verwerken doen we niet alleen met onze ogen en ons hoofd. Onze hersenen maken veel meer neurologische verbindingen aan wanneer we ons lichaam gebruiken. Hoe meer zintuigen er worden aangesproken voor het leerproces – en eigenlijk voor het hele leefproces – hoe beter het werkt. Ik maak me dan ook zorgen om de toenemende digitalisering. Wie zich ten volle wil ontwikkelen en verbondenheid wil ervaren, doet er goed aan zijn lichaam te gebruiken. Ik werk niet voor niets zo graag met mensen in taal en beeld – met handen en voeten – met hoofd én lichaam.

De virtuele mens

Vorige week zag ik een uitzending van VPRO Tegenlicht over het surveillancekapitalisme. Razend interessant en angstwekkend tegelijk. We zijn inderdaad allemaal de komputer ingegaan.

illustratie de digitale mens door Mandy van Goeije

Het elektronisch tijdperk is begonnen!
We dreigen allemaal de komputer in te gaan.
We dreigen geprogrammeerd te worden van de morgen
tot de avond en van de wieg tot het graf.
(p. 62)

Uitstoot

De volgende wens van Bosmans is verhoord. De auto gaat het lastiger krijgen.

illustratie stikstof uitstoot door Mandy van Goeije

Maak het de auto lastig,
heel lastig,
vooral in de natuurzones
waar nog zuivere lucht aanwezig is
en in de woonzones van de mensen!
(p, 65)

Vak-anti

illustratie rare vogel door Mandy van Goeije

Mensen zijn rare vogels!
Nu ze vleugels hebben, gaan ze op de vlucht.
Hoe beter ze kunnen vliegen, hoe verder ze willen van hun huis,
hun werk, van hun eigen omgeving.
Wat zoeken ze? Een paradijs, dat alleen maar bestaat
op de folder van de reisagentschappen.
Wat vinden ze?
Overvolle campings, te dure hotels,
drukke badplaatsen.
Urenlang aanschuiven in de Alpenpassen
en voor andere doorgangen
met meestal een dodelijke vermoeidheid!
(p.68)

Na een zomer waarin de ‘staycation’ volop werd gepromoot is dit thema zeer actueel. Niet zo gek, als je naar de stikstof en co2 uitstoot kijkt. Maar misschien heeft Bosmans ook een punt. Hoe ontspannend is zo’n vakantiereis nu wérkelijk? En reizen heeft status. Maar zou het werkelijk zo nuttig en leerzaam zijn als wordt gezegd? En zou dat dan opwegen tegen de toeristische vervuiling en de CO2 uitstoot?

Instapocrisie

In Bosmans’ tijd waren media nog niet ‘sociaal’. Ze werden het echter wel en sloegen door. Social media gingen van sociaal platform naar commercieel reclamekanon waar ook de individuele mens reclame maakt voor zichzelf en zijn leven. Bosmans pleitte voor het tegenovergestelde daarvan.

illustratie instapocrisie door Mandy van Goeije

Zelfkritiek leidt tot
zelfkennis, werkt bevrijdend
en behoedt voor desillusies.

Gezonde zelfkritiek
maakt mensen ook rijp
voor gezonden
maatschappijkritiek!
(p.78)

Wat hebben we nu eigenlijk voor gekke wereld gecreëerd? We tonen ons masker aan de buitenwereld en sluiten onze zelfkritiek op in onszelf. Dat onder ons masker burn-out, depressie en angst schuilen…ach, zolang men het op je tijdlijn maar niet ziet. Hoe houdbaar is deze collectieve illusie? Zou een beetje meer realisme inderdaad niet heilzaam zijn? Is weten en zien dat het leven van een ander net zo imperfect is als het onze niet een troostende pleister op onze wonden en voedzame grond voor de verbinding met de ander?

Een nieuwe maakbaarheid

Klimaatverandering, voedselschandalen, het stikstofschandaal en de groeiende geestelijke ongezondheid van de mens en daarmee de maatschappij; we kunnen niet op dezelfde manier verder.

illustratie green mind door Mandy van Goeije

Willen we overleven
dan moeten we ‘anders’ gaan leven!
Het is nodig
de mensen een nieuwe bodem
onder hun bestaan te schuiven
zodat ze andere waarden
belangrijk gaan vinden
om gelukkig te zijn.
(p.93)

We weten het. Bosmans wist het. Maar wat betekent het dat Bosmans’ woorden vandaag de dag actueler zijn dan toen hij ze schreef? Wat is er sinds hij dit boekje schreef veranderd?

We doen wel wat, maar is het genoeg? Kan de mens wel veranderen? Kan ik het? Kun jij het? En willen we dat wel als het betekent dat we moeten inleveren aan luxe en gemak?

De grootste vraag

Bosmans plempte een boekje vol met uitroeptekens. Van mij krijg je vooral vraagtekens. Zijn die minder sturend dan de uitroeptekens van Bosmans? Dat is maar de vraag. Vragen kunnen de suggestie wekken ruimte te bieden voor elk antwoord van de bevraagde. Maar doen mijn vragen dat ook werkelijk?

Het grootste vraagteken geef ik je nu. Toen ik de vraag stelde of de mens wel kán veranderen, was dat volledig vanuit de idee dat wij als mens – als individuele consument – de wereld zelf moeten veranderen. Dat is wat de bewuste mens doet. Een betere wereld begint bij jezelf. Toch? Of is het misschien toch niet zo gek dat het boekje van Phil Bosmans vandaag de dag zo ultra-actueel is?

PS…wie zin heeft in een kluif, klikt op “Toch?”